De grootste pessimist die je kent noemt zichzelf ‘realistisch’
Pessimisme vermomt zich vaak als “ik ben gewoon realistisch”. Bij anderen zie je zelf-sabotage snel, bij jezelf ben je er vaak blind voor.
Denk eens even aan de grootste pessimist die je kent.
Je weet wel. Die ene persoon die bij elk plan al voelt waar het mis kan gaan. Die bij elk idee meteen zegt: “Ja maar…”en daarna een lijstje afvuurt van redenen waarom het niet gaat lukken.
Nu de vraag.
Vindt die zichzelf ook pessimistisch?
Of noemt die zichzelf gewoon… realistisch?
Pessimisme vermomt zich bijna altijd als “realistisch denken”
Dat is het verraderlijke.
Bijna niemand zegt: “Ik ben pessimistisch en ik saboteer mezelf.”
Mensen zeggen:
“Ik ben gewoon voorzichtig.”
“Ik zie het liever zoals het is.”
“Ik wil niet teleurgesteld worden.”
“Ik ben gewoon realistisch.”
En als je er van buitenaf naar kijkt, zie je het meteen.
Je ziet:
angst die zich vermomt als verstand
zelfbescherming die zich vermomt als wijsheid
een oude teleurstelling die zich vermomt als ‘ervaring’
Maar voor die persoon voelt het als logisch. Als volwassen. Als verstandig.
Waarom je het bij anderen wél ziet en bij jezelf niet
Het is altijd gemakkelijk om te zien waar iemand anders zichzelf saboteert.
Omdat jij er niet in zit.
Jij hebt afstand. Je hoort de zin, je voelt de energie, je ziet het patroon.
Maar als het over jezelf gaat, wordt het ingewikkelder.
Dan is diezelfde zin geen “sabotage”. Dan is het een feit.
Dan klinkt het als:
“Ik ben nu eenmaal zo.”
“Dat is gewoon mijn karakter.”
“Ik ken mezelf.”
“Ik wil gewoon geen domme keuzes maken.”
En voor je het weet, bouw je je leven rond gedachten die je nooit echt hebt onderzocht.
Een simpele oefening die je jezelf mag aanleren
Dit is wat ik wil dat je onthoudt.
De volgende keer dat jij een ‘realistische’ beperkende gedachte hebt, doe dan dit:
Denk aan die grootste pessimist die je kent.
Vraag jezelf af: als die persoon dit zou zeggen, zou ik het dan ook “realistisch” noemen?
En dan de echte vraag: helpt deze gedachte mij vooruit, of houdt ze mij klein?
Want dat is uiteindelijk het enige criterium dat telt.
Niet of het “waar” is. Maar of het je leven groter maakt.
Realisme zonder hoop is geen realisme. Het is een kooi.
Echt realisme kan twee dingen tegelijk:
het ziet risico’s
en het blijft open voor mogelijkheden
Het sluit de deur niet al dicht voordat je nog maar aan de klink hebt gezeten.
Beperkend “realisme” doet dat wel.
Dat realisme zegt:
“Doe maar niet, want straks…”
“Dat is niets voor jou.”
“Wie ben jij om dat te doen?”
“Wacht tot je zeker bent.”
En als je daarop blijft bouwen, krijg je een leven dat veilig is… maar geen voldoening geeft.
De takeaway
Onthoud dit zinnetje, echt.
De kans is groot dat je totaal blind bent wanneer je zélf in dezelfde valkuil loopt.
Dus maak het simpel.
Elke keer dat je jezelf “realistisch” hoort praten op een manier die je kleiner maakt:
check het alsof je naar iemand anders luistert
benoem het voor wat het is
en kies bewust of je die gedachte nog wil geloven
Want meestal is het niet je situatie die je tegenhoudt, maar gewoon je eigen 'realistische' stem.
Heb je vragen over jouw huid?
Boek een kennismakingsbehandeling en krijg persoonlijk advies van Jan Desair.
Boek je kennismakingsbehandeling